Ambrosius zag maagdelijkheid als superieure weg naar hemel1

De maagdelijke staat is volmaakter dan het huwelijk, vond kerkvader Ambrosius. Wie maagd is, zich onthoudt van seksualiteit, verkeert in de situatie van vóór de zondeval, het paradijs. "Het maagdom brengt de gelovige op het niveau van de engelen."

Dat betoogt Metha Hokke (1960) in haar proefschrift "Ambrose's Virginity Treatises. An (Inter)Textual Approach", waarop ze deze vrijdag aan Tilburg University promoveerde.

De promovenda schetst Ambrosius' onvermoeibare optreden als bisschop in het vierde-eeuwse Milaan om jonge vrouwen over te halen te kiezen voor de maagdelijke staat. De maagden zouden op deze wijze de zuiverheid van de kerk kunnen vergroten. Een meisje dat voor deze staat koos, werd gezien als meer geheiligd dan de 'slechts' gedoopte christen. Maagden die welbewust een ascetisch leven leidden en hun gewone leven daarmee opofferden, werden gezien als de nieuwe martelaren, die ook een bevoorrechte plaats kregen in het hiernamaals.

Een van Ambrosius' argumenten is dat God Zijn grootste gave aan de mensheid - Zijn Zoon - liet geboren worden uit een maagd. De zondeval van de mens noodzaakte God tot een nieuwe herstelpoging van Zijn relatie met de mens via het zenden van het middel maagdelijkheid. Het leven van de maagd is dat van de engelen en een anticipatie op het leven van de opstanding en het herstelde leven in het paradijs.

Hokke: "In het karakteriseren van het maagdelijk leven als het leven van de engelen neemt de maagd al een voorschot op de opstandingsbeloning en overstijgt zo bij leven al de dood. Vanaf haar wijding is de maagd geestelijk gehuwd met Christus. Haar opoffering is er ook ten bate van de ouders. Zij werden opgeroepen hun kinderen te offeren in maagdelijkheid. Behalve dat ze van dit offer profiteerden als verzoening voor hun schuld, verbond een maagdelijk kind de ouders nauwer met de kerk. Het plaatsvervangend offer van de maagd werd gezien in lijn met het offer van Christus."

Zit in het verheerlijken van de maagd niet een docetische en dus ketterse trek, de ontkenning van lichamelijkheid en seksualiteit? De schepping als is toch goed, al is zij verdorven door de zonde?

"Voor Ambrosius was het beeld van God vooral zichtbaar in de ziel, niet in het lichaam. Dat betekent niet dat hij vijandig stond ten opzichte van het lichamelijke. Ambrosius veroordeelde degenen die het huwelijk verwerpen, maar stelde dat het huwelijk een van de oogsten van de kerk is en een gift is die niet voor allen is weggelegd. Bovendien zouden er zonder huwelijk geen nieuwe maagden geboren worden. Toch hebben Christus en de apostelen de maagdelijkheid als een hogere staat gezien dan het huwelijk. Ambrosius worstelde met de toenemende neiging van de kerk in de vierde eeuw om kritisch te staan ten opzichte van huwelijk en seksualiteit. Voor Ambrosius stond de superioriteit van maagdelijkheid boven het huwelijk vast. In zijn poging zijn gehoor daarvan te overtuigen heeft hij christelijke maagdelijkheid afgebakend tegenover de zijns inziens inferieure heidense maagdelijkheid van de Vestaalse maagden, maar vooral tegenover het huwelijk. Zijn denken over de superioriteit van maagdelijkheid met respect voor het huwelijk is toonaangevend geworden."

''Wat kunnen we leren van Ambrosius' idealiseren van de maagdelijke staat?''

"Huwelijk en seksualiteit binden een mens aan een ander mens en verkleinen de ruimte voor concentratie op God, hoewel de gehuwde een periode van geestelijke reinheid kan inruimen in zijn leven voor die concentratie. Hoewel ik de gevaren van machtsmisbruik op dit gebied onderken, vind ik seksualiteit nog steeds iets moois en intiems tussen mensen. Als het doel van maagdelijkheid het nastreven van een band met God is, het nadenken over waar we staan in deze wereld en tegenover onszelf en elkaar, dan dreigen er nu zwaarwegender gevaren dan seksualiteit. Het volledig opgaan in de virtuele werelden van games, sociale media of in consumentisme zou bijgestuurd kunnen worden door de zelfbeheersing en verdiepende reflectie waartoe Ambrosius' traktaten over de maagdelijkheid oproepen. Het ging hem uiteindelijk om de hogere waarden van het leven, die alles te maken hebben met het leven met God."

Bron

1
Bron: RD, Kerk & religie, 10-09-2021, Klaas van der Zwaag.
Uitgelicht
Actualiteit archief