Tertullianus, Onze Vader 6

‘Geef ons heden ons dagelijks brood’, moeten we toch eerder in geestelijke zin begrijpen. Christus is namelijk ons brood, want Christus is leven, en brood is leven. ‘Ik ben het brood van het leven’, zegt Hij. En even daarvoor: ‘Het brood is het woord van de levende God, die neerdaalt uit de hemel’. En omdat Zijn lichaam formeel wordt geklasseerd als brood, zegt Hij: ‘Dit is Mijn lichaam’. Door dus te vragen om ons dagelijks brood verzoeken wij om eeuwige duur in Christus en onafscheidelijkheid van Zijn lichaam.

Tertullianus, Onze Vader 6 (Vincent Hunink, Tertullianus & Cyprianus, Onze Vader, Kampen, 2010)